Drie jaar geleden was er grote onrust in ons land toen het bericht over een mogelijke verspreiding van een dodelijke griep de krantenkoppen haalde en de bevolking wekenlang werd voorbereid op de komst van een pandemie.  Dit was een aanleiding voor veel journalisten om het verleden in te duiken en zodoende gelijkaardige situaties op te sporen. 

In 1918 was de zogenaamde Spaanse griep verantwoordelijk voor de grootste menselijke catastrofe tot dan toe. Binnen de kortste keren dook het virus overal ter wereld op en bleek niemand veilig. In een paar maanden oversteeg het aantal doden het totale dodental van de hele Eerste Wereldoorlog.  De griep eiste ongeveer 50 miljoen mensenlevens. Toch is deze massamoordenaar van 1918 weinig bekend bij het grote publiek. Niemand weet waar de griep vandaan kwam. Het was merkwaardig dat vooral jonge mensen het slachtoffer waren. Het sterftecijfer was het hoogst tussen 15 en 40 jaar. De kenmerken waren de sterke besmettelijkheid, de donkerblauwe kleur van het slachtoffer wanneer de dood naderde. De complicatie die tot de dood leidde, was een zeer snel verbreidende longontsteking die gewoonlijk het gehele weefsel van beide longen aantaste. Hierdoor kon het blauw worden verklaard. Artsen stonden machteloos omdat er geen medicijn was.

Een griepepidemie wordt normaal genoemd naar het land waar de griep zich het eerst voordoet.  Achteraf bleek dat de eerste gevallen niet in Spanje opdoken. Dat toch wordt gesproken over de Spaanse griep had te maken met de perscensuur die in de oorlogvoerende landen werd gehanteerd. Berichtgeving hierover zou immers het moreel kunnen aantasten. Alleen in Spanje, dat neutraal was, besteedde de pers er veel aandacht aan. Maar als Spanje niet het land van oorsprong was, welk land was het dan wel?

Men veronderstelt dat het virus uit China kwam en in Europa is gebracht door Chinese arbeiders die in Frankrijk aangetrokken waren om spoorwegen en loopgraven aan te leggen voor de geallieerden. Volgens de Britse viroloog John Oxford zou de eerste uitbraak in een Brits legerkamp begonnen zijn aan de kanaalkust in Frankrijk. Het virus verspreidde zich zeer snel en veroorzaakte veel slachtoffers bij de jonge soldaten. Voor het virus was dit kamp een ideale omgeving om zich uit te breiden. Andere wetenschappers beweren dat het virus eerst zou geconstateerd zijn in de Verenigde Staten.  Het zou zich nadien verspreiden bij de burgerbevolking.

Hoeveel personen er in België aan de Spaanse griep gestorven zijn, is niet bekend. Historicus en rijksarchivaris Luc Van De Weyer zegt hierover: 'In België durfde niemand een cijfer op de ravage van de Spaanse griep te plakken. Ik vermoed dat het ook voor de zorgverleners een zodanig angstwekkende ervaring was, dat ze ze zoveel mogelijk uit hun geheugen en uit de documenten hebben gewist. De sterke traditie in België van “medisch geheim, en de autonomie van de geneesheren, speelde uiteraard ook een rol. In de lijsten met overlijdens vind je de doodsoorzaak Spaanse griep verhoudingsgewijs vrij zelden terug. Er werd over gefluisterd, maar niet over gesproken. Bovendien was het oorlog, waardoor het extreem moeilijk was om gegevens te verzamelen.’[1]

Ook voor Okegem is het bijzonder moeilijk om de impact van de griep op de bevolking na te gaan. Wel stellen we vast dat het aantal sterfgevallen in 1918 te Okegem opmerkelijk hoger is dan de jaren voordien en later.  We baseren ons op hiervoor op het Register van Dopen, Huwelijken en Uitvaarten dat pastoor Cnockaert bijhield. Het register leert dat in 1918 er 26 personen zijn overleden. Dat is het hoogste cijfer van de jaren 1910-1920. Opvallend in de lijst is dat de meeste personen gestorven zijn in de maanden oktober en november. Op 4 november vielen er zelfs drie overlijdens op één dag te noteren.

De familie Van der Speeten op de Plaats werd in bijzonder 1918 hard getroffen. Vader Severien en dochter Isabelle overleden in hetzelfde jaar. We weten uit mondelinge bron dat Isabelle stierf aan de Spaanse griep. Ze was 36 jaar en liet als jonge moeder een gezin achter (het jongste zoontje Clemens was anderhalf jaar oud). Haar echtgenoot Henri Van den Broeck stond moeilijke tijden te wachten. Gelukkig kwam er hulp voor het jonge gezin. Clemens werd opgenomen door René De Rijcke en Maria Van der Speeten die ook twee grote kinderen hadden.

 

Overlijdens in 1918

  1. Maria Ludovica Vernaillen, 2 j. oud,  gestorven 31/1/1918
  2. Maria Devleeshouwer, 1 j. oud, gestorven 12/3/1918
  3. Julia Catharina Baeyens, 1 j. oud gestorven 2/4/1918
  4. Maria Katrina De Vos, 6 j. oud, gestorven 8/4/1918
  5. Joannes Van der Speeten, 7 j. oud gestorven 21/4/1918
  6. Virgina Baeyens, 7 j. oud, gestorven 21/4/1918
  7. Rosalie Van Havermaet, 9 jaar oud, gestorven op 4/5/1918
  8. Maria Alida Van de Perre, 23 j. oud, gestorven 5/5/1918
  9. Adrianus Cobbaert, 73 j. oud, gestorven 28/5/1918
  10. Alberta De Vleeshouwer, 1 maand  oud, gestorven 12/6/1918
  11. Leopoldus Albertus Van Muylem, 1 j. oud, gestorven 26/6/1918
  12. Joannes Baptista Triest, 63 j. oud, gestorven 5/9/1918
  13. Carolius Lud. Van Eeckhout, 83 j. oud, gestorven 6/9/1918
  14. Katrina Hendrika Van de Perre, 72 j. oud, gestorven 28/9/1918
  15. Maria Leonia Vernaillen, 11 j. oud, gestorven 5/10/19
  16. Elisa Helpers, 26 j. oud, gestorven 23/10/1918
  17. Maria Julia Van Mieghem, 25 j. oud, gestorven 26/10/1918
  18. Daniel Helpers, 66 j. oud, gestorven 27/10/1918
  19. Isabelle Van der Speeten, 36 j. oud, gestorven  29/10/1918
  20. Joseph Van der Speeten, 58 j. oud, gestorven  31/10/1918
  21. Joanna Van Droogenbroeck, 4 j. oud, gestorven  3/11/1918
  22. Joanna Vernaillen, 43 j. oud, gestorven  4/11/1918
  23. Cyriel De Boitselier, 18 j. oud, gestorven  4/11/1918
  24. Prosper Van Isterdael, 8 j. oud, gestorven  4/11/1918
  25. Amandus Schoup, 90 j. oud, gestorven  13/11/1918
  26. Severien Van der Speeten, 70 j. oud, gestorven  13/12/1918

 

Op een totaal van 26 overlijdens is het uiteraard bijzonder gevaarlijk om verregaande conclusie te trekken in verband met de impact van de Spaanse griep in Okegem. In elk geval lag het aantal sterften in 1918 duidelijk hoger dan in 1917 (15) en 1919 (11).  Het aantal overleden personen dat volgens de literatuur tot de risicogroep (15-40 jaar) van de Spaanse griep behoorden, blijft in Okegem wel beperkt tot vijf. Opvallend is wel dat elf kinderen (van de leeftijd tot tien jaar) in 1918 werden ten grave gedragen, een aanduiding dat de materiële en hygiënische omstandigheden in het laatste oorlogsjaar voor de kinderen bijzonder zwaar waren.

 

 

 

       

  

Elisabeth Van der Speeten                                      Henri Van den Broeck

(foto’s: Jozef Van der Speeten)     

 

[1] De Standaard, 2 mei 2009.