OKEGEM IS EEN MONUMENT RIJKER1

 

Het voormalig station van de N.M.B.S, Jan Ockeghemstraat werd op 10 juli 1997 beschermd als monument om de industrieel-archeologische waarde.

 

Zowel het stationsgebouw als het wachtlokaal aan de overzijde van de spoorlijn zijn goed bewaarde voorbeelden van een landelijk spoorwegstation met aanhorigheden, door de toenmalige Staatsspoorwegen op de lijn Ath-Lessen-Geraardsbergen Ninove-Denderleeuw opgetrokken in een baksteenarchitectuur met verzorgde detailafwerking en in de toen karakteristieke rondboogstijl.

De Dender- en Waaslijn werd uitgebouwd in de jaren 1844-1870 door een privé-concessie. De spoorlijn zelf kwam tot stand in 1855. De bouwwerken werden ontworpen door J.-P. Cluysenaar die ook onder meer voor het station van Aalst en dat van Zandbergen tekende.

Vanaf 1870 kwam het net in bezit van de Staatsmaatschappij en werd het verder uitgebouwd. Het station van Okegem werd in 1895 gebouwd in opdracht van de Staatsmaatschappij. Het is uitgewerkt in de zogenaamde "nationale stijl", die de smaak van de tijd illustreert en die gekenmerkt wordt door neo-stijlen en eclectisisme.

Het is samengesteld uit een geheel van drie ongelijke volumes, waarvan twee onder zadeldak en bevat een centraal gedeelte van twee bouwlagen en drie traveeën. Het is verfraaid met sierlijke muurankers en baksteenfriezen met dropmotief onder zadeldaken, met houten windborden eveneens met dropmotief. De voorgevel vertoont rondboog- en steekboogvensters, de zijgevel is opengewerkt met een oculus. Het geheel heeft een neoclassicistische inslag.

Het bakstenen wachtlokaal staat aan de overzijde van de sporen. Frontaal is het open, aan de zijkanten en achteraan is het gesloten. Het is afgedekt met een lessenaarsdak. Er zijn enkel vensterdoorbrekingen in de zijgevels.

Het stationsgebouw werd onlangs buiten gebruik gesteld en staat reeds enige tijd verlaten. De stad Ninove zou het aankopen om er een museum in onder te brengen.

De industrieel-archeologische waarde is gelegen in de voorbeeldfunctie van dit typisch landelijk spoorwegstation en wachtlokaal zoals hoger beschreven en in de belangrijke rol die het heeft gespeeld voor de tewerkstelling in de regio.


1  Tekst van Luc Robijns, integraal overgenomen uit: Monumentenzorg en cultuurpatrimonium. Jaarverslag van de provincie Oost-Vlaanderen 1997, Gent, Provincie Oost-Vlaanderen, 1998, p. 254.



  

BRONNEN

 

- D'HUYVETTER C., DE LONGIE B., EEMAN M., Bouwen door de eeuwen heen, deel 5n2, Arrondissement Aalst, Gent, 1978, blz. 711.

- LEROUGE W., Het noordstation te Aalst en de Oostvlaamse spoorlijn 'Dender en Waas" van Jean-Pierre Cluysenaar, in: "Uit velerlei eeuwen. Kultureel jaarboek voor de Provincie Oost-Vlaanderen". Bijdragen. Nieuwe reeks nr. 18, Gent, 1982, blz. 105-147.

- VAN DER SPEETEN J., 131 jaar spoorwegen te Okegem, 1855-1986, in: "Mededelingen van de Heemkring Okegem", jg. 11, 1986, nr. 3 en jg. 12, 1987, nr. 1.